woensdag 6 mei 2009

Harry Muskee versus God

Elf jaar duurde het om een opvolger voor Dancing Bear te maken. Maar nu ligt dan Cats Lost van Cuby and the Blizzards, geproduceerd door Daniël Lohues, in de winkels.

Cats Lost klinkt vriendelijker en minder heavy dan het eerdere C+B werk.
Harry Muskee: ‘Ja dat vind ik ook. Het is een veel gedifferentieerder album. Van oude country-blues tot blues met toeters. En daarnaast echte liedjes.’

Lohues: ‘Ik wilde altijd al een plaat met de Blizzards maken waarin al hun sterke punten voorbij zouden komen, waarin alle mensen die in de Blizzards spelen zoiets hebben van: yeah, dat is nou typisch de band.’

In Low Country Blues zing je over de toenemende hufterigheid in Nederland. Heeft die ook al toegeslagen in Grolloo?
Muskee: ‘Nou nee. Daar heb je er niet zoveel last van. Ik ben in ‘78 wel eens voor niks in elkaar geslagen, hadden ze de verkeerde voor zich. Het deed me er wel aan denken. Je hoort tegenwoordig veel rare dingen, zoals dat hele ambulance-trein-bus-en-streekvervoer-verhaal. Ik ben geen massapsycholoog, dus waar dat vandaan komt weet ik niet. Dat zou je Goebbels moeten vragen.’

In Devil Made Religion neem je religie onder vuur.
Muskee: ‘Dat heeft er misschien ook mee te maken. De intolerantie. De duivel heeft religie uitgevonden om de boel te ondermijnen, als een soort spel voor hem. Ik ben atheïst en ik word als infideel en inferieur gezien. Wat voor recht hebben die mensen om mij zo te betitelen?'

Je bent al bijna een halve eeuw bezig. Als je terugkijkt op je carrière, wat zijn dan je mooiste en slechtste herinneringen?

Muskee: ‘We hebben in het Oostblok gespeeld toen het nog communistisch was, dat zijn dingen die je nooit vergeet. Dat zijn spannende jongensboekverhalen.

Muzikale helden ontmoet? B.B. King was vroeger een held. Ik heb die man een paar keer gesproken, en dat viel dan ineens helemaal weg. Hij bleek net als ik te zijn. Daar kijk je dan tegenop maar op een gegeven moment sta je met hem over een kop koffie te praten. Hij is een heel lieve, aardige man.

Ik heb zes jaar lang de Blues Estafette aangekondigd. Veel van die oude bluesmuzikanten waren nog nooit in Europa geweest. Jack Owens moest voor het eerst een paspoort gaan halen. Keb’Mo sprak hem aan met Mister Owens. Dat respect vind ik heel mooi.

Dit artikel verscheen eerder in Dagblad De Pers.

Een dieptepunt was toen de band uiteen ging. Dat is ook de blues en goed om mee te maken.’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen