woensdag 19 oktober 2011

Aaron Neville: ‘Ik heb het aan God overgelaten’

Foto: Sarah A. Friedman
Hij overleefde een heroïneverslaving, de orkaan Katrina en, niet te vergeten, een halve eeuw muziekindustrie, wat uiteraard zijn sporen heeft achtergelaten bij de nachtegaal van de soul. Niet voor niets gaf Aaron Neville (70) zijn vorig jaar verschenen gospelalbum de titel I Know I’ve Been Changed mee.

Lees ook:


Aaron Neville is niet zomaar een zanger, hij is een natuurkracht. Het blijft onvoorstelbaar dat uit die ondergetatoeëerde kleerkast zo’n engelachtige kopstem komt. Je verwacht hem eerder gewichtheffend op de luchtplaats van San Quentin dan gevoelige gospels zingend in een studio. Neville grinnikt. “Ik kan alleen maar zeggen: het komt uit mijn hart.” Door de telefoon klinkt een lage, monotone mannenstem. “Mensen zeggen dat het tegenstrijdig is, maar ik zeg altijd: dat is de God in mij die de God in jou aanraakt.” Zo groot als zijn spierbundels zijn, zo klein is zijn hart. “Ik ben absoluut niet gevaarlijk. Ik ben de aardigste persoon die je ooit zult tegenkomen.”

Saillant genoeg is de falset van de onlangs zeventig geworden nachtegaal van New Orleans even welluidend en loepzuiver als toen hij zes decennia geleden begon. “Ik zorg goed voor mijn stem. Ik repeteer veel. Als ik straks ophang, ga ik achter de piano zitten en zingen. Ook weer niet uren per dag hoor, hooguit een uurtje. Ik doe ook ademhalingsoefeningen. Ik heb namelijk astma. Ik werd geboren met astma, het ging weg maar het is weer teruggekomen. Verder zit ik veel in de sportschool. Plus dat ik geen alcohol drink, maar veel groente- en fruitsapjes.”

Neville heeft niet altijd zo goed voor zichzelf gezorgd. In de jaren zestig en zeventig was hij tien jaar lang verslaafd aan de heroïne, waardoor hij ook nog eens tot twee keer toe achter de tralies belandde. “Jeugdige nieuwsgierigheid. Groepsdruk. Iedereen deed het en ik wilde het ook proberen. Je weet eigenlijk niet waar je aan begint en voor je het weet kun je er niet meer buiten.”

Aaron Neville treedt op in Angola Prison


Zijn geloof hielp hem er uiteindelijk bovenop. “Judas Taddeüs is de heilige die uitweg biedt voor de hopeloze gevallen. In slechte tijden heb ik veel tot hem gebeden en die gebeden zijn verhoord, dus ik draag in mijn linkeroor medaillon met hem en in mijn rechteroor de Heilige Moeder Maria.”

Zegen
Aaron Neville zit al een halve eeuw in het vak. Zijn lange loopbaan kent enkele pieken en vele dalen. In 1960 begon zijn lange carrière met het hitje Over You op een lokaal label, maar pas zes jaar later volgde zijn doorbraak met de monsterhit Tell It Like It Is. Ondanks de gouden status ontvangt Neville geen cent aan royalty’s. De miljoenen verdwenen met het faillissement van het label in een zwart gat.

Tell It Like It Is


Terwijl in Engeland The Rolling Stones zich openlijk fan verklaarden, werd Aaron Neville wijsgemaakt dat de verkoop ophield bij de staatsgrenzen van Louisiana. De enige gouden plaat die hij kreeg, was een singletje dat zijn vrienden hadden overgespoten met goudverf.

“Indertijd hadden artiesten in New Orleans het slecht. Je stond helemaal onderaan op de totempaal. Ik heb er wel eens iemand naar laten kijken of ik toch nog wat royalty’s kon krijgen, maar dat bleek niet mogelijk te zijn.”

De popster moest zich in zijn levensonderhoud voorzien met allerhande baantjes, van schilder tot vrachtwagenchauffeur en havenarbeider. Als ware gelovige accepteerde Neville zijn lot. “Het frustreerde me niet. Ik ben gewoon doorgegaan, ik ben altijd blijven zingen. Muziek is mijn verlossing. In de tijd dat ik vrachtschepen loste, zeiden mijn collega’s: jij zou niet in de haven moeten werken, jij moet op tv optreden. Maar ik zei: ik moet mijn gezin onderhouden. Als de Heer de tijd rijp acht dat ik uit de havens kom, dan kom ik. En dat is ook gebeurd.”

Achteraf gezien was het maar beter zo, vermoedt Neville, doelend op zijn drugsverslaving. “Ik denk dat het een zegen in vermomming was. Als ik destijds rijk was geworden, was het misschien mijn dood geworden. De wegen van God zijn ondoorgrondelijk.”

I Am a Pilgrim (Later with Jools Holland)


Pas in 1989 kwam Neville het succes toe dat hij verdiende, met de hit Don’t Know Much, een duet met Linda Ronstadt waarvoor ze een Grammy Award kregen. Dat jaar scoorde Aaron ook een hit met The Neville Brothers met Yellow Moon.

Aaron Neville & Linda Ronstadt - Don't Know Much


Afgelopen jaar verscheen zijn jongste album, I Know I’ve Been Changed, een verzameling warmbloedige gospeltraditionals en spirituals. De opnamen stonden onder leiding van de excentrieke singer-songwriter Joe Henry, die ook de comebacks van Solomon Burke en Bettye LaVette produceerde. Speciale gast is de onvolprezen Allen Toussaint, met wie Neville ooit zijn carrière begon. “Zijn pianospel gaf een lekkere New Orleans-touch aan het geheel.”



Ramp
Zes jaar geleden werd New Orleans goeddeels weggespoeld door een watersnoodramp als gevolg van orkaan Katrina. Ook Aaron Neville verloor zijn hele hebben en houden.

“Ik was op tournee. Drie dagen voordat de storm kwam had ik mijn familie opgedragen om de stad te verlaten, want ik zag het water al komen. Ik heb mijn familie weer ontmoet in Memphis, waar we alles op tv hebben gezien. Mijn huis was overstroomd, alles was weg. Ik ben er nooit teruggekeerd. Met mijn vrouw heb ik een tijd in een hotel gebivakkeerd in Nashville. Nu wonen we buiten New Orleans, drie kwartier van de stad. Ik wil niet meer terug, ik ben het zat telkens voor het water te vluchten.” 

Na het overlijden van zijn echtgenote Joel in 2007 hertrouwde Neville met fotografe Sarah Friedman uit New York, waar hij nu een groot gedeelte van het jaar woont.

Ondanks de tragedie houdt Neville hoop. “Ik ben mijn huis kwijtgeraakt, mijn kinderen en mijn zus zijn hun huizen kwijt. Ik was murw. Ik heb het aan God overgelaten om me er doorheen te slepen. Als er leven is, is er hoop. Ik leefde nog, mijn familie leefde nog, dus we mogen van geluk spreken. Veel mensen zijn omgekomen, veel mensen waren niet verzekerd. Ik weet me gezegend. Het heeft me sterker gemaakt. Ik heb dit overleefd, dus ik kan de rest beter aan.”
Was Katrina dan wellicht een groter plan van God? “Zo zie ik het niet. Ik denk niet dat God van plan was om een massa mensen weg te vagen. Ik denk dat de aarde terugvecht tegen de mens om wat we allemaal met haar uitspoken.”

Aaron Neville - I Done Made Up My Mind


Dit artikel verscheen eerder in popmagazine Heaven.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen