woensdag 17 januari 2001
Miles Davis: On The Corner / Big Fun / Get Up With It
Gaven de meesten Davis met de klassieker Bitches Brew (1970) nog het voordeel van de twijfel, On The Corner (1972) scheurde het publiek in tweeën. Aan de ene kant stonden degenen die de trompettist bewonderden om zijn weigering stil te staan, aan de andere kant stonden veelal jazzpuristen die meenden dat Davis zichzelf in de uitverkoop had gegooid en maar vaag wat blies op zijn door wahwah-pedalen vervormde toeter. Toegegeven, Davis’ muziek uit de zeventiger jaren vereist een open geest.
Zo is On The Corner op het eerste gehoor een chaotische en onsamenhangende kakofonie. Echter, de rauwe, funky poliritmes zitten strak als een korset. On The Corner is daarom één van Davis’ meest gecontroleerde platen uit de jaren ’70.
De opvolger Big Fun (1974) is eveneens sterk op de funk georiënteerd, maar is een stuk toegankelijker dan On The Corner.
Get Up With It (1974) heeft meer een rockgeluid. Het album zal de wat minder ingevoerde luisteraar nog enigszins kunnen bekoren, hoewel er soms behoorlijk freaky wordt gejamd. Het nummer Rated X (drum&bass avant la lettre), met de psychotische orgeltonen, zal echter veel luisteraars afschrikken.
Hopelijk openen de reissues (met nieuwe liner notes en extra tracks) de oren voor het zwaar ondergewaardeerde jaren ’70-werk van Miles Davis, dat na bijna drie decennia wel eens de erkenning mag krijgen die het verdient.
zaterdag 12 juni 1999
Iain Matthews maakt geen muziek om de hits
Aan een houten tafel zit Iain Matthews. Hij oogt fris ondanks een korte nachtrust. Gisteravond trad hij hier in een volgestouwde Harmonie op. Het aantal bezoekers overtrof de eigenlijke capaciteit van de tent. Hoe komt een muzikant van Matthews’ formaat in Edam terecht? ,,Iemand die hier werkt zag me vorig jaar optreden en zei tegen Siem-Kees Slegt (eigenaar van De Harmonie, red.) dat hij moest proberen mij te boeken. Dat heeft Siem-Kees met mijn manager geregeld’’, vertelt Matthews. Matthews en Bløf hebben dezelfde manager en Bas Kennis van de populaire Nederlandse band, speelde piano bij Matthews’ optreden afgelopen woensdag. Matthews toert drie weken door Nederland met Bløf en speelt in Paradiso, Tivoli en Nighttown. Ondanks de grootte van deze zalen in respectievelijk Amsterdam, Utrecht en Rotterdam, vindt Matthews het Edamse De Harmonie niet klein. ,,Ik ben aan alle soorten zalen gewend, ik speel overal. Ik doe hier drie avonden omdat het niet groot genoeg is voor één.’’
Electric folk
Matthews was één van de Fairport Convention-leden van het eerste uur. Toen heette de band nog The Ethnic Shuffle Orchestra. De Brit nam de leadzang voor zijn rekening. In de band zat ook gitarist en zanger Richard Thompson. Toen zangeres Judy Dyble zich bij de groep aansloot werd deze omgedoopt in Fairport Convention. De formatie werd de Britse tegenhanger van Jefferson Airplane genoemd.
,,Men noemde ons zo omdat we een mannelijke en een vrouwelijke zanger hadden, en we leken een beetje op ze. Maar de muziek was compleet anders. Jefferson Airplane was een rockband, Fairport Convention speelde meer electric folk’’, verklaart Matthews de stempel die de band kreeg opgedrukt. Tijdens de opnames van Fairport Conventions derde album ‘Unhalfbricking’ in 1969, verliet Matthews de band wegens artistieke meningsverschillen met de andere leden. ,,Zij wilden traditionele folk spelen. Ik wilde me juist op eigentijdse muziek richten’’, licht Matthews de breuk toe.
Hits
Na het verlaten van Fairport Convention richtte Matthews zijn eigen band Matthews Southern Comfort op. Dat leek de juiste stap. In 1971 scoorde hij een hit met ‘Woodstock’. Zeven jaar later scoorde hij nog een hit met, ‘Shake It’. Matthews is niet gefrustreerd dat hij gedurende een carrière van dertig jaar slechts twee hits leverde.
Wat maakt volgens een ervaren muzikant een nummer een hit? ,,Het moet op de radio gedraaid worden. Het is op de juiste plaats op de juiste tijd. Het moet op de juiste tijd van het jaar uitkomen, mensen moeten in de juiste gemoedstoestand zijn. Dat is het wel zo’n beetje. Het hoeft niet eens een goed nummer te zijn. Het is een combinatie van gunstige factoren. Je kunt een hit creëren met een visueel beeld van iemand. Zoals de Spice Girls bijvoorbeeld. Je schept een image en de muziek komt op de tweede plaats’’, doet Matthews uit de doeken.
Na drie albums met Southern Comfort doekte Matthews de band op in 1971 en vormde Plainsong. Daarmee hield hij het twee albums uit en verkaste in 1972 naar de Verenigde Staten om zich in het zonnige Californië te vestigen. ,,De meeste muziek waarnaar ik toen luisterde was Amerikaans. Ik kreeg de kans om naar Californië te verhuizen en daar te werken. ‘’ Inmiddels heeft Matthews in Seattle gezeten en woont nu in Texas.
In 1993 maakte Matthews een tournee door Groot-Brittannië. Bij een van de optredens was een oud lid van Plainsong aanwezig. Voor de grap speelden de oud-bandgenoten een aantal keren met elkaar. Het beviel hen beiden zo goed dat ze besloten de band nieuw leven in te blazen. Inmiddels heeft de band vier albums uitgebracht en is net klaar met een nieuw album getiteld ‘New Place Now’. De cd moet deze maand in de winkels liggen.
Experimenteren
Opvallend is dat Matthews in vele bands heeft gespeeld en deze snel voor elkaar heeft ingeruild. Waarom hield hij het zo snel voor gezien? ,,Je weet nooit hoe lang je dit zal doen. Sommige artiesten draaien niet zo lang mee. Ik houd ervan verschillende dingen te ervaren. 25 Jaar geleden wist ik niet dat ik het nu nog steeds zou doen. Ik geloof niet in het doen van één ding omdat het succesvol is. Ik wil experimenteren met verschillende dingen’’, legt Matthews uit.
In de tweede helft van de jaren ’70 ging Matthews steeds meer experimenteren met verschillende instrumenten, voornamelijk elektronische als synthesizers. Critici noemden deze experimenten ‘ongeïnspireerd en niet succesvol’. Matthews is het daarmee niet eens. ,,Misschien dat zij dat zo ervoeren, ik had veel plezier.’’ Desalniettemin ging de muzikant al snel terug naar een meer akoestisch geluid dat hem toch beter beviel.
Midden in de jaren tachtig kwam Matthews’ muzikale carrière op een laag pitje te staan. Hij raakte gedurende vier jaar zijn gitaar zelfs niet meer aan. Gebrek aan inspiratie. In die tijd was hij A&R-manager bij Island Records, wat inhield dat hij niet talent contracteerde voor de platenmaatschappij. Na Island had hij dezelfde functie bij het New Age-label Windham Hill, dat bezig was een vocale tak op te zetten. A&R-management bleek geen werk dat voor Matthews was weggelegd. ,,Na vier jaar voelde ik me geïnspireerd om weer te gaan spelen. Bovendien vond ik A&R-manager zijn niet zo leuk als gitaar spelen. Je moet namelijk meer denken vanuit het bedrijf dan vanuit de artiest. Je moet het bedrijf voor laten gaan en daarna pas de artiest. Ik liet altijd de artiest voorgaan. Ik was natuurlijk zelf ook een artiest’’, evalueert hij zijn aanstelling. Het besluit ermee te stoppen was ‘wederzijds’. ,,Toen de beslissing viel had ik al besloten ermee te stoppen en weer muziek te gaan maken.’’
Begin jaren tachtig blies Matthews zijn carrière nieuw leven in. Hij tekende bij Watermelon Records, herenigde Plainsong en richtte de band Hamilton Pool op. ,,Hamilton Pool bestond uit drie songwriters. Het was niet serieus. We hebben het een korte tijd gedaan. Iedereen had een andere carrière. Het was een soort hobby, iets dat we in onze vrije tijd deden. We hebben één album gemaakt.’
Platenmaatschappijen
Gedurende zijn carrière zat Matthews bij zowel kleine als grote platenmaatschappijen. Hij weet niet waarnaar zijn voorkeur uit gaat. ,,Ik vind beide goed om verschillende redenen. Bij grote platenmaatschappijen krijg je meer media-aandacht. Ik houd van de ‘independent labels’ omdat je meer aandacht van het personeel krijgt. Ze hebben beide hun voor- en nadelen. Ik heb geen voorkeur. Bij een grote platenmaatschappij verkoop je veel meer platen, maar kleine maatschappijen besteden meer zorg en je hebt meer te vertellen. De ideale situatie is een grote maatschappij die zorg aan je besteedt.’’
Vrijheid
Matthews voegt eraan toe dat de artiest meer creatieve vrijheid heeft bij een kleine platenmaatschappij. ,,Bij een kleine maatschappij maak je je plaat en die brengen ze uit. Een groot label bemoeit zich inhoudelijk met het album en daar hou ik niet zo van. Daar is mijn muziek niet naar. Daarom zit ik nu bij een klein label.’’ Matthews heeft een contract met het Duitse Blue Rose.
De meeste mensen spellen Matthews’ voornaam nog als Ian. In feite noemt Matthews zich sinds een jaar of tien Iain, uit eergevoel voor zijn Keltische roots. ,,Maar het is iets dat ik al een lange tijd wilde veranderen, maar wat er niet van kwam.’’ Het staat echter niet op zijn geboorteakte.
Dit artikel verscheen eerder in het Noordhollands Dagblad/Nieuwe NoordhollandseCourant.
donderdag 25 februari 1999
Rob Swift wil meer zijn dan alleen DJ
woensdag 17 februari 1999
Prince Paul: De Dali van de hiphop
Prince Paul discografie
Als artiest
Als producer
Als remixer
maandag 30 november 1998
Islamitisch onderwijs: emancipatie of desintegratie?
Ondoordringbaarheid
Het idee achter islamitische scholen is dat de leerlingen betere leerprestaties leveren. De sociale controle is er groter, de ouders nemen meer verantwoordelijkheid voor hun kinderen, dus de kans dat de jeugd in criminaliteit vervalt wordt verkleind.
De boodschap moet in hun eigen taal aan de islamitische jeugd overgebracht worden. "In haar strijd tegen criminaliteit, drugshandel en sociaal-economische malaise slaagt de overheid er niet in om grote groepen allochtone jongeren te bereiken: in tegenstelling tot moskeeën." (...), schreef Coskun Cörüz (voorzitter Stichting Bijzondere Leerstoel Islam) in De Volkskrant.
De ouders van islamitische kinderen vinden de relatie met de schoolleidingen van normale scholen vaak slecht. De schoolleidingen zouden niet zelden slecht op de hoogte van de religieuze en culturele achtergronden van hun moslim-leerlingen zijn. Schoolleidingen verwijten op hun beurt de islamitische ouders van ondoordringbaarheid, en het leven in een eigen wereld.
Redenerend naar analogie van gereformeerde of katholieke ouders die hun kinderen meestal ook naar respectievelijk gereformeerde of katholieke scholen sturen, zijn de islamitische ouders van mening dat zij hun kinderen daarom best naar een islamitische school kunnen sturen. De Nederlandse grondwet voorstaat tenslotte vrijheid van onderwijs, en een islamitische school is gewoon een bijzondere school.
Emancipatie
Bovendien zou eigen onderwijs in het verleden ook al een grote bijdrage hebben geleverd aan de emancipatie en het zelfbewustzijn- en vertrouwen van andere bevolkingsgroepen, zoals de joden en katholieken. De islam kampt in Nederland met een slecht imago, en doordat religie een belangrijk onderdeel van de identiteit is, is dat schadelijk voor de vorming van islamitische jongeren. Daardoor zouden zij in criminaliteit vervallen.
Volgens voorstanders van islamitisch onderwijs gaat men onterecht ervan uit dat islamitische scholen alleen de leer van de islam prediken. Het lesprogramma bestaat uit het reguliere curriculum zoals die er op elke school is. Het gaat erom dat de leerlingen goed Nederlands leren spreken, en dat het reilen en zeilen van onze samenleving bijgebracht wordt. Er wordt alleen een islamitische stempel op het onderwijs gedrukt.
Integratie
Van belemmering van integratie zou geen sprake zijn, want door verankering van islamstructuren in bestaande structuren wordt de integratie juist bevorderd, is de redenering.
Een pikant detail is dat tien jaar geleden na de oprichting van de eerste islamitische basisschool in Nederland, de eerste lichting minder gemotiveerd blijkt te zijn om islamitisch (vervolg) onderwijs te volgen.
Bovendien is nog nooit bewezen dat islamitisch onderwijs de integratie in de weg staat, en voor de lagere kwaliteit van het onderwijs is evenmin bewijs geleverd. Centraal op islamitische scholen staan goed onderwijs en religieuze vorming (van de moskee blijken leerlingen minder kennis mee te krijgen). Men moet eerst de eigen cultuur kennen om in Nederland te kunnen functioneren.
Volgens de Amsterdamse onderwijsdeskundige Metin Alkan doet `mentale gettovorming' zich echter wel degelijk voor in het islamitisch onderwijs. Hij wijst op de koepelorganisatie ISNO, waarvan het streven veel verder reikt dan de bedoeling de islam in het onderwijs te integreren. Zoals de overheid randvoorwaarden stelt voor het onderwijs, zal zij dat ook moeten doen voor het islamitische onderwijs. Het onderwijs moet aansluiting op de Nederlandse samenleving hebben, daarbij zijn ook de leerlingen gebaat. De onderwijsinspectie zou hiervoor moeten waken.
Moslimambassadeurs
In september 1995 startte de eerste islamitische HBO-opleiding, aan de Academie voor Theologie en Levensbeschouwing van de Hogeschool Holland in Diemen. Bij de start was de belangstelling al drie maal groter dan voor christelijke theologie (dertig tegen tien). Dit cursusjaar was dat elf tegen één.
De HBO-studie in Diemen leidt op tot islamitisch godsdienstleraar of geestelijk opbouwwerker. De student verwerft grondige kennis van de islam, maar ook van andere godsdiensten en levensbeschouwingen. De opleiding bereidt haar studenten ook voor op functies in de maatschappelijke dienstverlening en sociaal-cultureel werk. De oprichters hopen hun studenten op te leiden tot moslim-ambassadeurs. Van een imam-opleiding is geen sprake. Zulke opleiding komen in Nederland zeer moeilijk van de grond. De
Zelfbewustzijn
Ook tweede-generatie moslims zien dit als een probleem. Ze voelen zich moslim, en willen ook zo door het leven. Ze willen echter ook meedraaien in de maatschappij. De imams hebben hiervoor geen (duidelijke) antwoorden. Ze hebben behoefte aan een imam die op de hoogte is van de Nederlandse samenleving. De moslimorganisaties en de eerste generatie, staan sceptisch tegenover een `Nederlandse' imam-opleiding, evenals de HBO-opleiding. Men twijfelde of de islam wel in de juiste (lees: ware) vorm gegoten werd.
De eerste generatie vindt dat de koran in principe niet in het Nederlands uitgelegd kan worden. Ook in het verleden progressieve personen, die een seculier leven leidden, keren zich weer tot hun geloof. De islam biedt hen werk en houvast, wat de linkse kabinetten in het verleden niet deden. Uit teleurstelling en groeiend zelfbewustzijn keren ze zich tegen de Nederlandse samenleving.
Nationalistisch
De moslimorganisaties hebben nauwe banden met de herkomstlanden. Vaak zijn de organisaties nationalistisch georiënteerd. Bijvoorbeeld het Turk-zijn wordt vaak gelijk gesteld aan de islam. Alleen Turken zouden dan in staat zijn een opleiding op te zetten. Dit leidt weer tot verdeeldheid tussen de verschillende moslimgroepen en -generaties.
Het is opvallend dat bij jonge Turkse mannen (ruwweg tussen de 17 en 21 jaar) de aan de Turkse Welvaartspartij gelieerde moslimorganisatie Milli Görüs zeer populair is. Ook de Grijze Wolven zijn populair.
Beide organisaties winnen veel zielen, en dus is de
Het is echter moeilijk dit de bestrijden, omdat de moslimradicalen uiterst heimelijk te werk gaan. Zij zijn niet altijd aangesloten bij als radicaal herkenbare organisaties, of ze zijn lid van bonafide grote organisaties, en winnen van binnenuit aan aanhang en kracht.
De BVD heeft geen vrees dat de invloed van radicale moslims binnen afzienbare tijd kritiek zal worden, maar wijst wel op het gevaar op de lange termijn.
Ondanks het groeiende aantal moskeeën, islamitische scholen, en de gesuggereerde daarbij horende isolationisme en desintegratie, is er geen sprake van een islamitische zuil, en dus ook niet van dè islam. De moslimgemeenschap is versplinterd en verdeeld.
Tweedeling
Onder Turken is er een tweedeling van enerzijds Diyanet-aanhangers, en anderzijds aanhangers van Milli Görüs. De meeste Nederlandse moskeeën zijn verbonden aan het Turkse Directoraat voor Godsdienstzaken, het Diyanet. De organisatie stuurt imams en koraanleraren naar Nederland, en betaalt deze. Er is grote bemoeienis van de Turkse staat. Paradoxaal genoeg zet Milli Görüs, die gelieerd is aan de Welvaartspartij, zich af tegen staatsislam. Ook is er een verschil tussen Turken die van het platteland of uit de stad afkomstig zijn. De laatste groep is vaak hoger opgeleid.
Alevieten
Een op zichzelf staande stroming is de vrijzinnige Alevitische islam. Alevieten voorstaan scheiding van kerk en staat en gelijkwaardigheid van seksen. Ze gaan niet naar de moskee en geloven niet in de goddelijke openbaring van de koran. Voor alevieten aanbidt elke godsdienst dezelfde god.
Alevieten aanvaarden geen kledingsregels, houden geen ramadan en sturen hun kinderen naar openbare scholen. Zij zijn de politieke en religieuze onderdrukking in Turkije ontvlucht.
Verdeeldheid
De grote onderlinge verschillen tussen de islamitische stromingen staan het vormen van eenduidig islamitisch onderwijs, waarin elke stroming zich kan vinden, in de weg. De ouders willen voor hun kinderen wel onderwijs met een islamitische signatuur, maar ze weten vaak niet hoe ze daaraan concreet invulling moeten geven. Er wordt dan al gauw teruggegrepen op tradities, en die tradities zorgen juist voor de verdeeldheid.
maandag 12 oktober 1998
AG en Big L: Graven in de kratten der kwaliteit
![]() |
| AG, Big L en Peter Schong backstage in de Melkweg, 8 oktober 1998. (Foto: Ruben Le Noble) |
Goede hiphop platen zijn schaars tegenwoordig. De kwaliteit is omgekeerd evenredig aan de kwantiteit. De Newyorkse rappers AG (van Show & AG) en Big L behoren tot het handjevol rappers dat zich onderscheidt van de massa met oerdegelijke en onvervalste hiphop platen. Niet graven in de portemonnee van het publiek, maar graven in de kratten der kwaliteit.

