woensdag 24 februari 2016

Verloren zoon Shuggie Otis is terug

Foto: Sachyn Mital/Wikimedia Commons

Bijna dertig jaar lang leek Shuggie Otis (62) van de aardbodem verdwenen. 42 jaar na zijn meesterwerk en zwanenzang Inspiration Information komt er eindelijk een nieuw album aan van het voormalige muzikale wonderkind. Aan de vooravond van zijn optredens sprak Peter Schong met hem. “Ik stond op een zwarte lijst.”

Eind jaren zestig leek een grote muzikale toekomst weggelegd voor Johnny Alexander Veliotes, Jr. (1953), zoals Shuggie Otis bij de burgerlijke stand bekendstaat. Hij is de zoon van de ‘Godfather of rhythm & blues’ Johnny Otis (1921-2012), bandleider, producer, diskjockey, tv-presentator en impresario en nog veel meer, die vele artiesten ontdekte onder wie Etta James en Jackie Wilson. Als hummel legde Shuggie al een muzikaal talent aan de dag. Hij begon als tweejarige gitaar te spelen. Op zijn twaalfde speelde hij in de band van zijn vader, en moest met een zonnebril op en een getekende snor de nachtclubs van Los Angeles binnensluipen. Als vijftienjarige speelde Otis op Peaches en Regalia van Frank Zappa’s Hot Rats (1969) en op Kooper Session (1970), een album in de Super Session-reeks van Al Kooper. Onder auspiciën van zijn vader nam hij drie albums op: Here Comes Shuggie Otis (1969), Freedom Flight (1971) en Inspiration Information (1974). Een cover van Strawberry Letter 23, afkomstig van Freedom Flight.



Inspiration Information is Shuggie Otis’ meesterwerk. De innovatieve soulplaat klinkt als een briljant samengestelde collage van post-it notes met losse muzikale ideetjes. ‘Het is een plaat voor mensen die veel muziek hebben gehoord, misschien te veel, en die op zoek zijn naar een nieuwe muzikale liefde’, aldus de All Music Guide Inspiration Information is zo’n typische zolderkamerplaat. Drie jaar knutselde de Californiër eraan. “Maar ik had tussendoor nog andere verplichtingen. Ik speelde in de band van mijn vader. In onze achtertuin thuis moest nog een opnamestudio worden gebouwd. De studio moest nog worden gebouwd. En mijn vader werkte ook in de studio en onze agenda’s waren soms in conflict met elkaar. Dan was hij aan het opnemen met zijn groep als ik er aan de slag wilde. Ik maak geen excuses, want het is niet alleen aan mij te wijten dat het zo lang duurde. Maar ik ben blij dat het zo is gelopen, want anders was het een heel ander album geworden. Ik had heel specifieke ideeën over wat ik wilde met Inspiration Information en die heb ik kunnen uitvoeren want ik kreeg carte blanche.”



De knip-en-plak-constructie van Inspiration Information doet denken aan het monumentale There’s A Riot Goin’ On (1971) van Sly and the Family Stone. “Dat was zeker een grote inspiratiebron, maar niet alleen die plaat hoor. Ik ben sowieso een groot fan van Sly and the Family Stone en van Riot in het bijzonder. Maar ze doen altijd alsof dat het enige album is waarnaar ik luisterde. Alsof ik Sly probeerde te zijn. Ik wil op niemand lijken, alleen op mezelf.”

Drumcomputer
Een sterke overeenkomst met There’s A Riot Goin’ On is het gebruik van een drumcomputer, waarvan Shuggie Otis als een van de pioniers geldt. “Ik had het apparaat, een Maestro Rhythm King, gezien in een muziekzaak. In eerste instantie zag ik er weinig in, maar ik schafte hem toch aan zodat ik hem kon gebruiken als metronoom. Zo kon ik nummers uitwerken zonder dat ik een drummer nodig had. Ik had helemaal niemand meer nodig, want ik kon een beetje toetsen spelen, een beetje bas, een beetje drums, en meer gitaar dan de meesten. En ik kon redelijk zingen. Niet dat ik mezelf een zanger wil noemen, maar in de studio voelde ik me heel erg op mijn gemak. Na een tijdje werd het onderdeel van mijn nieuwe ik.”

Dankzij de drumcomputer had ik niemand meer nodig

Inspiration Information werd destijds een commerciële flop. Het album was zeker niet ontoegankelijk, maar moeilijk te categoriseren. “Mensen vragen me tegenwoordig vaak waar dat aan lag, alsof ze verwacht hadden dat het succesvoller zou zijn. Ik koesterde zelf helemaal geen verwachtingen. Ik wist dat het geen muziek was voor de top 10. Het was heel anders dan andere muziek in die tijd. Het sprak niet één bepaald publiek aan. Het waren geen gemiddelde nummers, waarbij je precies weet waar het naartoe gaat. Ik durf niet te zeggen dat Inspiration Information zijn tijd vooruit was, dat klinkt zo hoogdravend, het was anders. Het was een gok. Dat mensen het veertig jaar later wel weten te waarderen, verraste me.”



Afwijzing
Inspiration Information betekende het einde van Shuggie Otis’ carrière. “Wat me niet beviel was dat de platenmaatschappij het album totaal niet promootte. Ik herinner me één advertentie van een kwart krantenpagina. Eerst kreeg ik alle lof en vervolgens gaven ze mij de schuld dat het album te laat was. Ze schopten me op straat, brachten de plaat uit en plaatsten een piepklein advertentietje in de krant. Daarna heb ik nooit meer een platencontract gekregen. Ik had waarschijnlijk een slechte naam. Ik wil het woord zwarte lijst niet gebruiken, maar het komt er wel op neer. Niettemin heb ik een goed leven gehad, hoe moeilijk je je dat misschien kunt voorstellen.”

vrijdag 11 december 2015

Nina Simone in Nijmegen: toevluchtsoord aan de Waal

Nina Simone tijdens een concert in Morlaix in 1982 Foto: Roland Godefroy/Wikimedia Commons

Een zwarte vrouw laat zich in het zwembad glijden van het Nijmeegse hotel Belvoir. Het is de buurvrouw van het aanpalende appartementencomplex aan de voet van de Waalbrug. De dame in het badpak is niemand minder dan The High Priestess Of Soul: Nina Simone. Maar lang niet alle zwemmers zijn zich er bewust van dat ze samen met een prima donna hun baantjes trekken.

Het gaat Nina Simone eindelijk weer voor de wind als ze in in de lente van 1988 neerstrijkt in Nijmegen. Dankzij een reclamespot van Chanel No. 5 heeft ze dan zojuist een Europese monsterhit gescoord met het al in 1958 opgenomen My Baby Just Cares For Me. Persoonlijk gaat het al sinds de jaren zeventig gestaag bergafwaarts met de inmiddels 55-jarige zangeres en pianiste. Haar psychische problemen hebben de overhand gekregen. Ze doet zelfs een zelfmoordpoging wanneer een Afrikaanse zakenman, die beloofde een platencontract voor haar te regelen in Londen, een oplichter blijkt. Ze leidt een zwervend bestaan en leeft uit haar koffer. En ze is vervreemd geraakt van haar dochter Lisa.


Nina Simone's legendarische optreden op het jazzfestival van Montreux in 1976

Na omzwervingen via Liberia, Barbados en Zwitserland, belandt Simone begin jaren tachtig in Parijs. Ze heeft geen boekingsagent en treedt ’s avonds voor een schijntje op in Aux Trois Mailletz, een kleine jazzclub in het Quartier Latin. De concerten zijn wisselvallig; de ene keer is het pure magie, andere avonden houdt ze er al na een kwartier mee op, is ze te dronken om fatsoenlijk te spelen of scheldt ze het publiek uit. Een engagement in de prestigieuze Londense jazzclub Ronnie Scott’s, dat meerdere keren wegens groot succes verlengd wordt, breekt ze in de laatste week abrupt af, waardoor ze er voortaan niet langer welkom is.

Rust
Zo kan het niet langer, besluiten manager Raymond Gonzalez, vaste gitarist Al Schackman en Gerrit de Bruin, een Nederlandse vriend van haar. Met zijn drieën vormen ze het A-Team, dat zich over Simone gaat ontfermen. Het plan is om haar naar Nijmegen te halen. In de luwte van een provinciestad, ver weg van de showbusiness, kan ze tot rust komen en krijgt ze eindelijk een thuis. De Bruin, bevriend met Simone sinds hij in 1962 tot haar wist door te dringen in het Concertgebouw door zich voor te doen als roadie, woont zelf in Nijmegen en kan zo een oogje in het zeil houden.

dinsdag 10 november 2015

In memoriam: Allen Toussaint, de bescheiden koning van New Orleans (1938-2015)

Met Allen Toussaint in de North Sea Jazz Club, 26 juni 2015

North Sea Jazz Club, 26 juni 2015. Allen Toussaint wijst op het bakje katjang pedis dat op de salontafel in de kleedkamer staat. "Ik geef je vijf dollar als je die opeet", grapt hij tegen zijn gitarist Renard Poché. Hij bladert de Heaven die ik voor hem had meegenomen door en is onder de indruk van ons interview. Een half uur later funkt Toussaint de spijkers uit het podium. Niemand kon vermoeden dat hij nog geen half jaar later zou overlijden. De 77-jarige songwriter, pianist en producer stierf op 10 november  aan een hartaanval in Spanje, tijdens een Europese tournee.


Lees ook:


Niet veel mensen kenden zijn naam, maar veel mensen kenden zijn muziek. Working in the Coal Mine en Yes We Can Can zijn evergreens. Toussaints invloed is enorm. Hij speelde in de jaren zestig en zeventig een centrale rol in New Orleans, de bakermat van de jazz en misschien wel de belangrijkste muziekstad van de VS. Hij werkte samen met lokale grootheden als Dr. John en Lee Dorsey, maar ook internationale supersterren als Paul McCartney maakten graag gebruik van zijn diensten. Als ontdekker en producer van The Meters stond Toussaint mede aan de wieg van de funk. Decennia later vormden de ritmes van The Meters de basis voor hiphop. Via die omgekeerde route kwam ik ooit op Toussaints pad.

Toch bleef Toussaint ondanks zijn imposante staat van dienst zeer bescheiden, wat mogelijk een verklaring is waarom zijn naam niet bekend is bij het grote publiek. Toussaint zag voor zichzelf een rol op de achtergrond weggelegd, vertelde hij in het interview dat ik in maart met hem deed. "Als ik voor anderen schrijf, denk ik te weten wie zij zijn of wie ze zouden moeten zijn. Voor mezelf weet ik dat niet, ik richt me niet tot een bepaald publiek, dus heb ik niet echt een idee van wat ik wel en niet moet zingen. Ik zou Working In The  Coal Mine nooit geschreven hebben als het niet voor Lee Dorsey was geweest. Het is niet mijn soort nummer. Ik vind het erg ingewikkeld om liedjes voor mezelf te schrijven."

De talrijke artiesten die met hem samenwerkten, omschreven de altijd goed geklede Toussaint steevast als een gentleman. Zo ervoer ik hem toen ik hem in maart een uur te laat belde omdat ik me had vergist in het tijdsverschil, en ik de grote Allen Toussaint mijn excuses moest aanbieden. "That's quite allright", klonk de gedistingeerde stem laconiek door de hoorn.

Video: Het laatste concert van Allen Toussaint in Madrid

vrijdag 16 oktober 2015

Marcos Valle: bossa nova avonturier

Met Marcos Valle in de North Sea Jazz Club, 28 oktober 2015

Een muzikaal wonderkind, zo zou je Marcos Valle (72) gerust mogen noemen. Ruim een halve eeuw geleden scoorde de Braziliaanse zanger, toetsenist en componist zijn eerste hit. Begin jaren negentig werd hij herontdekt door de Londense acidjazzscene, later gevolgd door Amerikaanse rappers als Jay-Z en Kanye West. “Toen leefde ik eindelijk weer op.”

Lees ook:



Met zijn debuutalbum Samba ‘Demais’ uit 1963 werd hij amper twintig prompt uitgeroepen tot de belangrijkste componist van het jaar. “Een grote verrassing en een hele eer. Maar ik voelde ook gelijk de druk om voor de dag te komen met iets nieuws dat minstens even goed was”, herinnert Marcos Valle zich door de telefoon vanuit Rio de Janeiro. De grote Antônio Carlos Jobim, de peetvader van de bossanova en co-auteur van de evergreen The Girl From Ipanema, ontfermde zich destijds over het veelbelovende talent.

“Hij wijdde me als groentje op zakelijk gebied in. Toen Summer Samba een hit werd in de Verenigde Staten, ging hij daar samenwerken met Frank Sinatra. Zo kon hij me ook wegwijs maken in de Amerikaanse muziekindustrie. Jobim was als een vader voor me. Op een gegeven moment werden we overburen en kwamen we geregeld bij elkaar over de vloer. Als bij de een de piano gestemd moest worden, kon die altijd nog bij de ander gaan spelen.”



Valle schetst het bossanovawereldje in het Rio van de jaren zestig als een hechte club. Via zijn oude klasgenootjes Dori Caymmi en Edu Lobo, zoons van de beroemde muzikanten Dorival Caymmi en Fernando Lobo, belandde hij op de wekelijkse jamsessies van de crème de la crème.

“Die vonden telkens bij iemand anders thuis plaats. Dan speelden we elkaar voor wat we de afgelopen week hadden geschreven, waarbij we als vanzelf ideeën uitwisselden. We maakten altijd mooie dingen, daar zorgden we wel voor, want we wilden elkaar imponeren. Vandaar de hoge kwaliteit van de bossanova uit die tijd.”

'Antônio Carlos Jobim was als een vader voor me'

Experimenteren
Eind jaren zestig gloorde er muzikaal iets aan de horizon van de stranden van Rio de Janeiro. Toen de Tropicália-beweging Braziliaanse muziek begon te vermengen met westerse rock, sloeg ook Marcos Valle aan het experimenteren. Met de introspectieve rock van Vento Sul en de onweerstaanbare funk van Previsão Do Tempo ontpopte hij zich in de vroege jaren zeventig als een even veelzijdige als avontuurlijke pionier van de MPB, de Música Popular Brasileira.

“Veel mensen vonden Tropicália destijds maar niks, terwijl ik die muzikale openheid juist verwelkomde. Maar ik heb nooit deel uitgemaakt van die beweging. Ik ging meer om met de Clube Da Esquina, het niet minder progressieve collectief rond Milton Nascimento uit Minas Gerais. Tropicália gaf me vooral de prikkel om vrij mijn mening te gaan verkondigen. Zo zong ik op Mustang Côr De Sangue over de dictatuur, over hoe de rijken met geld smeten zonder een moment om te kijken naar de armen.”



Pete Cosey: de gitaarheld die niemand kent



Pete Cosey was een geweldenaar die kon wedijveren met gitaarhelden als Jimi Hendrix, maar wiens naam op een of andere manier altijd obscuur is gebleven en zwaar onderhewaardeerd wordt. 

Lees ook:

De gitarist uit Chicago (1943-2012) begon zijn carrière als sessiemuzikant bij Chess Records, en speelde op platen van Etta James, Howlin' Wolf en Muddy Waters. Cosey drukte duidelijk zijn stempel op het eigentijdse Electric Mud uit 1968, dat Muddy Waters een tweede jeugd moest geven bij het psychedelische rockpubliek.





Miles Davis
Jazztromprettist Miles Davis, die sinds eind jaren '60 steeds verdergaander experimenteerde met rock en funk, rekruteerde Cosey in 1973. Cosey wordt direct gezichtsbepalend voor het geluid van Davis' band, dat heavy als een atoomaanval wordt. 

Ook op het live-dubbelalbum Agharta dat Miles Davis in 1975 in Osaka opnam (overigens nam hij die avond ook het live-dubbelalbum Pangaea op, met compleet andere muziek), is Cosey the man of the show. Hij speelt schijnbaar eindeloze solo's, en is eigenlijk bijna elke seconde van het concert aanwezig. Coseys fuzzy, zwaar vervormde gitaar is als een wervelstorm de Osaka Festival Hall tot op de laatste heipaal afbreekt.



Een scherp contrast met filmbeelden van Davis' concerten uit die periode; daarop speelt Cosey zittend, stoïcijns als een boeddhist.


vrijdag 9 oktober 2015

Aan tafel! 10 jaar De Wereld Draait Door


De Wereld Draait Door bepaalt al bijna een decennium lang naar welke muziek we luisteren en welke voorstellingen we bezoeken. Onbekende schrijvers maken ineens faam, wetenschappers worden er bekende Nederlanders en de populaire talkshow met Matthijs van Nieuwkerk biedt ruimte aan zowel opera- als Volendamrepertoire. DWDD dwong die status de afgelopen 10 jaar ook af. Het zichtbare enthousiasme op tv drijft voor een deel op ijzeren spelregels, omgevallen medewerkers en een snoeihard deurbeleid. De 'DWDD-familie' is heilig. Wie niet in dat plaatje past, kan vertrekken.

Met Gudo Tienhooven en Leon van Wijk maakte ik voor het AD een longread in het kader van de 10e verjaardag van DWDD.

We hadden ook nieuws: het Commissariaat voor de Media houdt DWDD scherp in de gaten of het programma zich niet dienstbaar maakt aan commerciële doelen.

donderdag 27 augustus 2015

We love Kim Kardashian, maar hoelang nog?



Bijna tien jaar is zelfs de kleinste rimpeling in het turbulente privéleven van Kim Kardashian favoriet onderwerp van internationale showbizzmedia. Maar steeds vaker duiken signalen op dat de wereld Kim en kornuiten door pure overkill zo langzamerhand spuugzat wordt. We houden van haar en we haten haar, en ze spint garen bij allebei.

Voor AD.nl maakte ik met Tom Tates een longread over het (media)fenomeen Kim K, wiens enige talent lijkt te zijn dat ze zich voortdurend in de spotlight weet te spelen en die op zich gericht houdt. En waarom is de wereld zo gefascineerd door iemand die eigenlijk 'niks kan'?